Chapada da diamantina

Om 7 uur ‘s ochtends zaten we al weer in de bus, op weg naar chapada de diamantina, een nationaal park in het westen van bahia. Om 2 uur kwamen we aan in lencois, het dorpje wat voor veel toeristen de verblijfplaats is waar vanuit allerlei tours kunnen worden gedaan. Het dorpje is klein en sfeervol. Vergelijkbaar met een dorpje in de franse bergen. Gekleurde huisjes, straten van keien en overal terrasjes. Ons hostel was prima, al was de eigenaresse, Talitha, voor braziliaanse begrippen nogal nors en haar man die alle excursies regelden sprak als een regelrechte kopie van borat. Dat was dan wel weer grappig!

De eerste dag hebben we een soort allround tour gedaan en hebben we een aantal highlights van het park gezien: watervallen, indrukwekkende grotten (we hebben zelfs in een ondergrondse rivier in een grot gesnorkeld, een bijzondere ervaring zo in het donker) en tot slot een prachtig uitkijkpunt over het park. Het water hier heeft overigens een bijzondere kleur, donkerbruin. Niet omdat het vies is – het is zelfs heel helder – maar omdat er veel ijzer in zit. In ieder geval weer erg bijzonder. De echte attractie hier, de hoogste waterval in brazilie, konden we overigens niet bezoeken omdat het te droog was en er dus geen water stroomde. ‘No agua’ zoals ons werd verteld. Lekker dan haha! We besloten daarom een twee-daagse trekking te doen naar de waterval Muchila en daar hebben we geen spijt van gehad! Wij boekten dit bij de man van Talitha, die normaal deze tours zelf doet. Omdat hij echter geblesseerd was, kregen we een andere gids die engels zou spreken..

Enfin, we hebben weer wat meegemaakt! Het begon al goed toen wij op donderdagochtend op de afgesproken tijd – half negen – klaar stonden met onze twee rugzakjes en de gids ons verwonderd vroeg waar wij al het eten, de slaapzakken en matjes gingen laten. De man van Talitha had tegen ons gezegd dat we zo weinig mogelijk mee moesten nemen en dat hadden we gedaan, maar hij was vergeten te zeggen dat we een backpack nodig hadden voor allerlei andere spullen waar de gids mee kwam aanzetten. Dus wij gauw alles weer ompakken zodat we uiteindelijk weg konden met mijn kleine backpack en de dagrugzak van nick. Daarna, hup als een speer, achter op de crossmotor naar het startpunt. We gingen slingerend door mul zand, dwars door een bos, door rivieren, maar gelukkig hebben we het overleefd.
Het eerste deel van de track bleek het zwaarste. We moesten 3 km naar de top van een berg klimmen, bepakt en wel met onze rugzak en backpack. Toen kwam het volgende hilarische moment (achteraf gezien). De man van Talitha had ons gezegd dat we na 1 uur lopen een waterbron tegen zouden komen en we dus maar 2 liter water mee hoefden te nemen en 2 lege flessen. Twee extra liter water zou immers alleen maar extra balast zijn tijdens het eerste, zware deel van de tocht. Dus wij na anderhalf uur toch eens vragen aan Mel, onze gids die maar heel gebrekkig engels bleek te spreken, waar toch die waterbron bleef. Waterbron? Maar er is nu helemaal geen grondwater, het is veel te droog! Maar, we konden van de rivier drinken volgens Mel, iets wat de man van Talitha ons had ontraden. Fijn! Goed, dus wij verder met inmiddels nog maar anderhalve liter water voor 2 dagen. Gelukkig was het uitzicht waarmee we werden beloond fantastisch mooi. Daar doen we het voor! Rond half 12 kwamen we eindelijk aan bij onze campsite. Hier was tevens een waterval waar we lekker konden zwemmen en het zweet van ons lijf afdouchen. Na een heerlijke en overdadige lunch, gingen we op we naar Muchila, de waterval.
Ook dit was weer een avontuur. Halverwege moesten we onze kleren uit en vroeg Mel ons ‘of we konden zwemmen’. Gelukkig konden we dat en vervolgde we onze tocht, terwijl Mel met onze tas waar de camera in zat ging klimmen langs een stijle wand om het water heen. Je had onze beduusde gezichten moeten zien, het was een foto waard! We moesten in totaal twee keer een stuk in de rivier zwemmen voordat we aankwamen bij de waterval. Maar wat was die mooi! En wat een voldaan gevoel krijg je na zo’n zware tocht!
Terug in het kamp was het tijd voor avondeten. Mel had een vuurtje gemaakt met takken uit het bos. Heerlijk, net als hoe het vroeger ging. Ondertussen hadden we bedacht dat we het water uit de rivier konden koken, want we hadden nog maar 10 slokken water over en we moesten nog een avond en een dag door komen. Het eten was overigens weer heerlijk en overdadig. Onze graatmagere gids at zelf niet heel veel en er was gekookt voor ongeveer 8 man. De dieren hier hadden dus weer eens geluk. Tijdens het avondeten vertelde Mel, onze ‘engels sprekende gids’ (aldus de man van Talitha) dat hij net 3 maanden geleden een zelfcursus Engels was begonnen. Aha! Daarna was het bedtijd. De zon was inmiddels al 2 uur onder, het was 8 uur en niet veel te doen, dus ga je slapen. Alhoewel de rots waar we op sliepen en de kapotte slaapzakken waar we ons in moesten verwarmen, verre van comfortabel waren, konden we toch af en toe wat slapen.
De volgende morgen was Mel alweer vroeg op om het ontbijt klaar te maken. We waren wat aan het rondsnuffelen en zagen een zakje aanmaaklimonade liggen. Het leek verdomd veel op de vruchtensap waar we gisteren en zojuist gulzig van gedronken hadden. Je raadt het al, de limonade was aangelengd met het rivierwater. Wonder boven wonder, althans zo zien wij het, zijn we niet ziek geworden. We gingen weer op pad, terug richting lencois. ‘s ochtends zijn we nog langs een uitkijkpunt geweest waar we vanaf boven honderden meters naar beneden in een ravijn keken op een – wel weer – prachtige waterval. Na 20 km kwamen we aan bij een rivier waar we heerlijk konden relaxen. Godzijdank zat daar een mannetje met koud water, frisdrank en bier, want ons gekookte gele water dat smaakte naar ijzer en rook was geen pretje om te drinken. Uitgerust en wel gingen we de laatste 5 km terug naar lencois en hebben we onszelf ‘s avonds verwend met caiprinha’s en paella. Daar kwamen we onze vriend nog tegen, de man van Talitha, waar we aan vertelde dat er geen grondwater was geweest onderweg. ‘Ahhh I told you, I did not trek for 2 months, I did not know!’ zei hij, waarna wij natuurlijk gebruld hebben van het lachen. Maar, het was een geweldige ervaring en wat was de natuur mooi! Ik kan het iedereen aanraden!

Vandaag hebben we een rustdag want vanavond gaan we met de nachtbus richting Morro de Sao paolo waar we nog een aantal dagen gaan chillen.

Salvador

We zijn aangekomen in Noord-Brazilie voor het tweede deel van onze reis. Salvador is de eerste bestemming. Het was nog even de vraag of onze tassen zouden meekomen met de vlucht vanuit Sao Paolo gezien de transfer tijd van maar 55 minuten, maar dat ging gelukkig goed. Op weg naar de binnenstad vanuit de luchthaven zagen we vooral veel krottenwijken en oude gebouwen, zwart van de uitlaatgassen. Het was moeilijk voor te stellen dat zich hier een UNESCO erfgoed bevindt. Onze pousada waar we verblijven in St Antonio, een wat rustige wijk vlakbij het oude centrum, is erg mooi en schattig.

‘S avonds hebben we ons gelijk gestort in het ritmische leven van Salvador. We vielen met ons neus in de boter met een jazz jamsessie op een mooie locatie: het modern art museum. De muziek was geweldig, er bleek een trompettist mee te doen die heeft gespeeld met Miles Davis. Er was een enorm goede vibe. Overal zaten en stonden mensen van jong tot oud, er waren verschillende eetstalletjes en er was een cocktailbar waar je voor 2,50e de heerlijkste cocktails kon krijgen. Om tien uur was het afgelopen en gingen we met de taxi naar huis. Je kunt hier op veel plekken als toerist na tienen niet meer op straat lopen, had de eigenaresse gezegd, omdat het dan te gevaarlijk is. Even wennen weer na anderhalve week in dorpen waar je alles kon doen wat je wilde..

De volgende ochtend eens heerlijk uitgeslapen en goed ontbeten. Fruit, vers geperst sinaasappelsap, verse broodjes, een eitje (wat hadden we dat lang niet gehad!) en yoghurt met verse muesli! Zal wel door de Frans eigenaar komen. ‘S middags zijn we door het oud historisch centrum gelopen met de gekleurde huisjes. Erg leuk, maar toch ook echt wel aan renovatie toe. Soms zie je hele mooie huizen, terwijl 10 meter verderop zwart besmeurde of afbrokkelende en dichtgetimmerde huizen staan. Bovendien is alles buiten dit centrum echt lelijk en oude troep. Ook zie je hier veel armoede, jonge kinderen die bedelen op straat of knock-out liggen midden op straat waarschijnlijk vanwege de drugs..Zonde, maar je moet er een beetje proberen doorheen te kijken. Salvador is overigens wel echt anders dan Rio. Je ziet hier veel meer afro-brazilianen, vanwege de historische achtergrond van slavenhandel in Bahia. Als blanke ben je hier duidelijk in de minderheid!

‘S avonds wilde we naar Olodum, een bekende muzikale groep, maar helaas waren we te laat. Het romantische restaurant waar we wilde eten was ook dicht, dus we zijn toen maar willekeurig ergens binnen gestapt en hebben daar een traditioneel gerecht uit Bahia gegeten, een heerlijke visstoofpot. We hebben de avond afgesloten met caiprinha’s bij een heel grappig eetcafeetje. De keuken was op de tweede verdieping en alles werd met een mandje aan een touwtje van boven naar beneden gebracht, zelfs onze caiprinha’s, hilarisch! Overal klonk muziek om ons heen en er zaten mensen op straat met elkaar te kletsen. Wat een gezelligheid!

De volgende dag moesten we een busticket kopen naar lencois, een dorpje aan de rand van het national park diamantina, waar we de natuur weer zouden intrekken. Dat bleek nog een heel gedoe. Er was weliswaar een ticket office in het oude centrum, maar daar ging het echt op z’n braziliaans, ‘tranquilo’. Na anderhalf uur eindelijk een ticket bemachtigd te hebben, zijn we gaan lunchen en naar het afro-braziliaans museum geweest. Heel leerzaam! De voorstelling waar we ‘s avonds naar toe gingen, bestond uit een traditionele godendans en een stuk capoera. Heel apart, vooral het eerste stuk waarin de spelers in een soort trance kwamen. Daarna hebben we heerlijke ‘bobo’ (garnalen in cassave saus) gegeten in het romantische restaurant waar we gisteren al heen wilden. Een goede afsluiter voor salvador. Het einde ging uiteraard in stijl. De taxichauffeur bracht in een grote omtrekkende boog ons naar het hostel voor maar liefst 30 reals, terwijl het normaal 8 moest kosten volgens onze hostess celine van het hostel.

De pantanal en bonito

Een week in de natuur! Je moet er wel wat voor over hebben, maar het is de moeite meer dan waard. Na een busreis van 13 uur kwamen we rond 9u ‘s ochtends aan in Campo Grande. In de bus hadden we al kennis gemaakt met een Nederlands stel en twee jongens uit Gibraltar die dezelfde tour hadden geboekt. Na een vlug ontbijtje op het busstation vertrokken we in de minivan voor een 6 uur durende tocht naar ons verblijf in de Pantanal. Gelukkig was het heel gezellig met de andere reisgenoten waardoor de tijd voorbij vloog. Ergens in de namiddag kwamen we aan bij een kruising, wat later het wisselpunt bleek te zijn waar aankomende en vertrekkende toeristen werden omgeruild. Na de wissel restte ons nog een uur durende tocht in een truck op een dirtroad. Onderweg konden we al genieten van het uitzicht. De Pantanal was erg droog, droger dan normaal in het droogseizoen. Het maakt het platte graslandschap ook wel weer heel mooi. Het lijkt bijna op een toendra.

Het verblijf bleek echt een pareltje in de Pantanal. Je hoefde bijna niet eens het terrein af, want het zat er vol met dieren: grote papagaaien, baby toekans, uilen en heel veel andere soorten vogels, twee tamme ‘wilde’ varkens, koeien, schapen, slangen en vossen. Overal hoorde je vogelgeluiden van vogels die je nog nooit had gehoord, er hingen hangmatten en er was een zwembad, wat wil je eigenlijk nog meer? Een leuke gids en een leuke groep…en of we die hadden! Marcello bleek een hele grappige en met de natuur begaande gids. De eerste dag hebben we met een boottocht gedaan en o.a. kaaimannen, otters, verschillende soorten vogels, capybarra’s (de grootste knaagdieren ter wereld), apen, leguanen en een soort emoe’s gezien. In de middag gingen we op een truck dieren spotten en hebben we weer heel veel dieren gezien. Bij een paar meren waren we even gestopt en konden we heel dicht bij o.a. kaaimannen en otters komen. Na de zonsondergang hebben we een prachtig moment mogen meemaken: de oplichtende ogen van de kaaimannen in het meer. Echt geweldig! Er bleken nog veel meer kaaimannen te zijn dan je bij dag kon zien, het hele meer zat bommetje vol. Op de terugweg hebben we nog twee vogelspinnen gezien, supergaaf!! We hebben de hele dag enorm gelachen om een Duitse toerist die ons deze dag vergezelde. Hij was niet helemaal oke vermoeden we, een beetje nors en had werkelijk niks door. Al stond je met je neus op het grootste dier wat je kon vinden, hij zag het niet haha. En hij was helemaal gek van gieren, heel apart. ‘S avonds hebben we weer genoten van het lekkere maaltijdje dat ze voor ons hadden gemaakt en de caiprinha’s, heerlijk.

De volgende morgen stond een wandeltocht op de planning. We hebben met onze gids in de natuur rondom ons verblijf gelopen en wederom veel dieren gezien, o.a. apen, vogels, een slang en een killerbee nest (iiiiiie!!). Ook heeft hij ons verteld over de verschillende boom- en plantsoorten die we tegen kwamen. ‘S middags was het hoogtepunt van de dag, piranha’s vissen! Tussen de kaaimannen mochten we onze hengels met aas in het water gooien, wat een bizarre belevenis.. Eerst waren we wel een beetje bang, maar al gauw bleek dat de kaaimannen banger zijn voor ons dan wij voor hen. Eigenlijk hebben de kaaimannen de meeste vijanden hier. Daarom noemden we ze de pussy’s van de Pantanal. Al gauw hadden we allemaal een keer beet. Nick had de meeste gevangen. Toen al het aas op was, gingen we terug naar het verblijf waar we de piranha’s schoonmaakte, om ze daarna te laten bakken door de kokkinnen en vervolgens zelf op te peuzelen. Mjum!

De laatste dag gingen we nog paardrijden, wat erg leuk was, al was het wel erg heet en hadden we aan het einde behoorlijke pijn aan ons kont. Na een paar laatste duiken in het zwembad en een laatste lunch met de groep, was het tijd om te vertrekken. Wat was het gezellig en fantastisch! Op het wisselpunt namen we afscheid. Van de groep gingen 2 stellen mee naar Bonito, onze laatste stop voordat we naar Noord-Brazilie vertrekken.

Marcello had ons gestuurd naar Guesthouse Catarino’s in Bonito, waar de neef van Marcello werkt bleek later. De afgelopen drie nachten hebben we hier overnacht, zonder spijt! We kregen iedere ochtend een heerlijk uitgebreid ontbijt, allemaal gemaakt door de vrouw van Catarino, Luciana. Iedere ochtend stond er weer een nieuwe chocoladetaart en vele andere cakes, dus je begrijpt dat ik in de 7e hemel was beland. Niet goed voor de lijn, zoals alles hier. We zijn al wat kilo’s zwaarder, maar ach, in Nederland trainen we het er wel weer af. We hebben het erg gezellig gehad met Michael, de neef van Marcello en tevens gastheer. We hadden twee tours via hem geboekt, samen met het Zweedse koppel die we hadden ontmoet in de Pantanal en die waren superleuk. De eerste dag gingen we snorkelen in Rio de Prata, een rivier in een bos, zo helder dat het net een zwembad was. Je kon vanaf de kant al zo de vissen zien zwemmen. Het snorkelen was hier heel bijzonder. De dag erna zijn we naar de Grotto do Azul geweest, een prachtige grote grot met een helderblauw meer erin. Niet te beschrijven hoe mooi, wederom geldt: je moet het zelf zien! ‘S avonds hebben we met z’n vieren heerlijk gegeten in een visrestaurant en de avond afgesloten met de nodige caiprinha’s. de volgende morgen hebben we nog een fietstochtje gemaakt naar een soort natuurzwembad, waarvan het water net zo helder was als dat van de Rio do Prato. Hier hebben we even gerelaxed totdat we terug moesten zijn voor de bus.

Nu zitten we in de bus terug naar Campo Grande waar we onze natuurtour begonnen. Zaterdag vliegen we naar Salvador, Bahia. We kijken terug op twee heerlijke weken en zijn benieuwd wat de komende twee weken ons nog gaan brengen.

Foto’s Pantanal

Foto’s Bonito

Rio de janeiro en foz do iguacu

Bom dia!! Zaterdag arriveerden wij in Rio. Vandaag is t alweer donderdag. Een kleine update van onze reis tot nu toe.

Onze pousada (een soort hostel maar dan bij iemand thuis) in Rio lag midden in Ipenima, 5 minuten van t strand. De eigenaar bleek alleen braziliaans te spreken dus onze minimale taalkennis werd meteen op de proef gesteld. Met handen en voeten hebben we het de eerste dag voor elkaar gekregen dat we warm water kregen en t licht werd gerepareerd. Inmiddels is ons vocabulair gelukkig wat uitgebreid en kunnen we in ieder geval een klein gesprekje voeren. Al blijft het een moeilijke taal, vooral de uitspraak.

De eerste dag hebben we heerlijk gewandeld op Ipenima beach en de Copacabana. Deze laatste heeft wel haar charme verloren. De hotels langs het strand zien er een beetje verloederd uit en het strand is niet veel anders dan andere stranden. Ipenima is daarentegen wel erg leuk, een soort Miami beach waar mensen op de boulevard hardlopen, skaten en longboarden. Een gezellig sfeertje dus! We hadden onze camera nog niet meegenomen, bang van alle verhalen over de criminaliteit in Rio. Dit blijkt reuze mee te vallen. Er zijn zeker plekken waar je niet alleen moet komen s’avonds en plekken waar je je camera niet teveel moet showen maar over het algemeen hoef je je niet onveilig te voelen.

De tweede dag werden we opgehaald door onze gids Olivia, een ontzettend praatgrage, grappige en aardige vrouw. Ze heeft ons heel Rio laten zien. We hebben door het park Tijuca gereden, een grote jungle midden in de stad. Ze heeft ons verteld over het leven in de favela’s, de politie eenheid UPP die momenteel alle favela’s ‘schoonveegt’, haar eigen favela waar ze woont en de projecten met kinderen die ze daar doet. Olivia bleek een echte survivor die vrienden is met iedereen, zelfs politie en criminelen. Daarna zijn we naar het grote jezus beeld geweest, boven op de berg. Wauw wat een wonderbaarlijk beeld! En wat een fantastisch uitzicht over Rio. Daarna bracht ze ons naar de plaats waar de carnavaltochten ieder jaar gehouden worden en vervolgens naar Santa Theresa, wat lijkt op de buurt met kleine uphill streets in San Francisco. Een hele artistieke en gezellige buurt. In die wijk hebben we ook geluncht en echte braziliaanse traditionele gerechten gegeten. Met ons buikje vol vertrokken we naar de mozaiken trap. Gemaakt door een gekke kunstenaar die ook ter plekke aanwezig was. We staan uiteraard met hem op de foto, vraag niet hoe haha! En dan de klapper: Sugarloaf mountain, vernoemd naar de vorm die lijkt op de suikerzakken van Brazilie. Vanaf deze berg heb je een prachtig uitzicht over heel Rio, ware het niet dat op het moment dat wij er waren Rio onder een groot donderwolkendek lag. Al gaf dat ook weer een mysterieus effect. S’avonds hebben we gegeten in de supermarkt. Dat is hier heel normaal. Net als de ‘por kilo’ bufetten waar je eten wordt gewogen op een weegschaal. We zijn inmiddels al meer relaxed, niet meer bang dat we overal gerold worden. Rio is een miljoenenstad, maar minder crimineel als gedacht maar vooral erg duur.

Volgende stop was Foz de Iguacu, misschien wel de mooiste watervallen van de wereld! Het was tevens onze eerste ipb vlucht in het buitenland met een andere maatschappij dan KLM. Onze pousada ligt net buiten de stad. Helaas was het bed echt een plank maar dat mag de pret niet drukken. S’ middags gingen we op zoek naar een lunchtentje en eindigde in een ‘por kilo’ cafetaria waar we voor het eerst kennis maakten met dit concept. Je betaalt voor wat je opschept. Veel duurzamer dan een buffet met een vast bedrag, want je schept voorzichtiger op. S’ avonds hebben we heerlijke caiprinha’s gedronken en vlees gegeten. Zo zeg ik het maar want dat is wel een beetje hoe het hier is in Zuid-Brazilie. Vlees vlees en nog eens vlees. Wel lekker en goed voor de vitamine B en ijzer, maar eigenlijk wel een beetje overdadig.

Woensdag zijn we naar de braziliaanse kant van de watervallen geweest. Wauw wat een natuurgeweld!! S’ middags hebben we een 3 uur durende tocht gemaakt door het regenwoud (dit wordt vaak vergeten maar de watervallen liggen in een prachtig natuurgebied). We hebben een aantal apen, een heleboel mooie grote vlinders en een leguaan gezien. Aan het einde werden we nog verwend met een boottocht over de prachtige rivier waar we ook een kaaiman hebben gezien! We voelden ons echt even intens gelukkig, wat kan de natuur toch prachtig zijn. Donderdag gingen we naar Argentinie, waar zich eigenlijk het grootste gedeelte van de watervallen bevindt. Het was meer dan de moeite waard. Je krijgt een beter zicht op de watervallen en er zijn fantastische panoramische uitkijkpunten, echt adembenemend. Bij de Devils Throath kon je van dichtbij zien hoe het water van een aantal grote watervallen naar beneden stort. Wat een kracht!! Enige minpunt was de coati’s, een soort wasbeerachtige beesten, die net als apen loeren op voedsel. Aan de braziliaanse kant stonden er mensen om ze weg te jagen. Hier niet, wat resulteerde in een grappig maar toch ook wel eng tafereel waarin een groep van 10-15 coati’s een plastic zak met eten uit de handen van een man wegkaapten en verslinden.

Vanmorgen hebben we uitgeslapen en laat ontbeten. Het ontbijt tot nu toe vrijwel hetzelfde geweest, een broodje kaas en/of ham, fruit en cake. Ja, je leest het goed. Ze ontbijten hier met cake: gewone cake, spongecake, chocoladecake, sinaasappelcake, kokoscake, noem maar op. Daarnaast hebben ze nog veel meer andere zoete lekkernijen. Niet goed voor de lijn maar voor mij wel een ontbijt bij uitstek haha!! Nu rusten we uit bij het zwembad van het hotel (het is hier 35 graden), want straks gaan we een lange reis maken naar de Pantanal (13 uur in de bus, 3 uur wachten en dan nog eens 6 uur naar ons verblijf midden in de Pantanal. Dit is een natuurgebied met heel veel dieren. We gaan er o.a. paardrijden, piranha’s vissen en opeten, een aantl safari’s doen en zwemmen met kaaimannen (vind vooral nick heel leuk, ik wat minder). Daarna nog 2 dagen naar Bonito, ook een prachtig natuurgebied. We zitten straks in de middle of nowhere, dus jullie horen pas weer van ons over ongeveer 5 a 7 dagen… Ciao ciao!!!!

Foto’s Rio

Foto’s Foz de Iguacu

American banana pancakes

Voor een heerlijke zondagochtend!

Benodigdheden

  • 125 gr bloem
  • 200 ml melk
  • 50 ml magere yoghurt
  • 1 ei
  • citroenrasp van een halve citroen
  • 1 tl vanille essence
  • 1 overrijpe banaan
  • 1 tl bakpoeder
  • 2 tl baking soda
  • 3 el lichtbruine basterdsuiker

Bereiding

Meng alle ingrediënten goed door elkaar. Bak kleine lepels beslag in een pan zodat je kleine pannenkoekjes krijgt. Laat ze niet verbranden! Lekker met stroop, honing of gewoon suiker. Voor de liefhebber, serveer met blauwe bessen.

Foto: Bibi Altink

Bananenbrood

Dit recept is gebaseerd en geïnspireerd op het recept van Nigella Lawson. Aangezien Nick niet tegen walnoten kan, heb ik deze vervangen door pompoenpitten en zonnebloempitten. Deze bleken de cake een lekkere bite te geven. Ik heb de hoeveelheid suiker al aanzienlijk verminderd, maar dit zou nog wel wat minder kunnen. De bananen (zeker als ze goed overrijp zijn), geven al een behoorlijke zoetheid mee aan het gerecht.

Ingredienten

  • 100 gr rozijnen
  • 75 ml irish whiskey
  • 175 gr bloem
  • 2 tl bakpoeder
  • 1/2 tl baking soda
  • 125 gram (gesmolten) boter (afgekoeld)
  • 100 gram suiker
  • 2 eieren
  • 300 gram rijpe bananen
  • 30 gr pompoenpitten
  • 30 gr zonnebloempitten
  • 1 tl vanille extract
  • 1/2 tl zout

Bereiding

Verwarm de oven voor op 170 graden (hetelucht). Breng de rozijnen en de whiskey in een pan aan de kook. Haal van het vuur en zet apart. Hoe langer je de rozijnen laat staan, hoe meer van de drank ze zullen opnemen. Zorg ervoor dat je voor gebruik de rozijnen laat uitlekken.

Zeef de bloem, bakpoeder, zout en bakingsoda boven een kom. Klop in een andere kom de gesmolten boter en suiker door elkaar. Voeg daarna de eieren toe en vervolgens de bananen die je hebt fijngeprakt met een vork of gehakt tot moes in een blender. Roer met een houten lepel de rozijnen, zonnebloempitten, pompoenpitten en het vanille extract doorheen.

Voeg daarna in porties het bloem mengsel toe. Doe het beslag in een cakevorm (vet deze van te voren eventueel in en bestuif met bloem tegen plakken) en zet het in de oven voor ongeveer een uur. Controleer met een sateprikker of de cake gaar is (deze moet er schoon uitkomen).

Foto: Bibi Altink

Tagliatelle met rucola en citroenroom

Dit simpele gerecht is fris en krachtig tegelijk. Het succes van dit gerecht wordt wat mij betreft bepaald door de versheid van de pasta. Neem voor dit recept echt verse tagliatelle.

Benodigdheden (4p)

  • 375 gr creme fraiche
  • geraspte schil en sap van 2 (grote) citroenen
  • 2 pakken (ca.500 gr) verse tagliatelle
  • 225 gr rucola, grofgehakt
  • 225 gr vers geraspte parmezaan
  • zout en peper

Bereiding
Schep de creme fraiche in een kom en roer de citroenrasp en -sap er beetje bij beetje door. Ga hier vooral af op je smaak. Creme fraiche is ook al redelijk zuur van zichzelf en er gaat ook nog kaas door. Kortom, je wilt de citroenroom zeker niet te zuur maken. Breng in een grote pan ruim water met wat zout aan de kook. Kook de tagliatelle beetgaar, giet af en laat uitlekken. Schep de tagliatelle terug in de pan en roer er de citroenroom, rucola en de helft van de parmezaan door. Serveer de pasta met de resterende parmezaan en een lekkere italiaanse salade ‘on the side’.

Tip: voor de variatie kun je er ook gebakken kastanjechampignons doorheen doen, of serveer de tagliatelle met een stuk zalm.

Bron: De zilveren lepel

Tiramisu in drie delen

Dit recept zag ik laatst op 24kitchen. Donna Hay bedacht deze leuke variant, die vooral verrast door de presentatie. Het is in een handomdraai gemaakt en zal worden gewaardeerd door je gasten! Ik heb het recept iets aangepast. De hoeveelheden van de suiker en de likeur kun je het beste afstemmen op jouw eigen smaak.

Benodigdheden (4p)

  • 2 kopjes espresso
  • suiker
  • poedersuiker
  • disaronno
  • cacao (om te bestrooien)
  • 100 gram mascarpone
  • 100 gram slagroom
  • een paar druppels vanille essence
  • 1 pak lange vingers

Bereiding
Zet 2 kopjes espresso en meng daar 4-6 eetlepels suiker doorheen en een flinke scheut disaronno, naar eigen smaak. Laat afkoelen. Klop de slagroom op en meng met de mascarpone, vanille essence en 4-6 eetlepels poedersuiker, ook weer naar smaak. Zorg dat je per persoon drie glaasjes of kleine kommetjes hebt. Doe in het ene glaasje het mascarpone mengsel en strooi er gezeefde cacao overheen totdat je geen wit meer ziet. Het andere glaasje vul je met het afgekoelde koffie-likeur mengsel en in het laatste glaasje stop je een paar lange vingers. Ready to serve! Dip de lange vinger in de koffie en daarna in de room, smullen!

Bron: Website van Donna Hay

Oosterse zalm met courgettesalade

Dit Oosterse recept is simpel, gezond en lekker en geeft je een enorme boost aan zelfvertrouwen. Iedereen kan koken! Let wel, het succes zit ‘m in de mise en place en de versheid van de zalm. Als je echt van eten houdt, weet je dat je vis altijd bij de visboer moet halen en niet in de supermarkt. Dit gerecht is snel klaar, maar vormt daarom ook een gevaar. Als je het moeilijk vindt om je aandacht te verdelen zou ik de volgorde van bereiding alsvolgt doen: mie, courgette, zalm. De mie kan gaan plakken, een beetje water en/of (sesam)olie in de pan doen helpt om de mie een beetje uit elkaar te houden.

Benodigdheden (4p)

  • Vier stukken zalm (ong. 125-150 gram per stuk)
  • 3 courgettes
  • Klein chilipepertje
  • 2 teentjes knoflook, grofgehakt
  • Sesamzaad
  • 9 eetlepels japanse sojasaus
  • 4,5 eetlepels sesamolie
  • 1/2 limoen
  • 1 komkommer
  • Zonnebloemolie
  • Oosterse azijn
  • Suiker
  • Zout
  • Peper
  • 400 gram Chinese mie (Chinese winkel, kooktijd ongeveer 8 min)

Bereiding

Rooster het sesamzaad totdat het een bruine kleur krijgt en zet apart. Snijd de komkommer doormidden en schaaf de komkommer zodat je lange slierten krijgt. Leg in een kommetje met een beetje azijn, suiker en breng op smaak met zout en peper. Maak een sausje van de sojasaus, sesamolie, limoen en breng op smaak met zout en peper. Snijd een chilipepertje klein en zet apart voor de courgette. Snijd de courgette overdwars ongeveer in drie stukken van 5 cm. Maak vervolgens reepjes door de courgette in de lengte een aantal keren door te snijden. Breng alvast een pan met water aan de kook voor de mie. Vet daarna de zalm in met wat zonnebloemolie, breng op smaak met een beetje peper. Zet een grillpan/pan met anti-aanbaklaag klaar (het is moeilijker de zalm heel te houden in een grillpan is mijn ervaring), een wok en wat zonnebloemolie om in te bakken/wokken.
Nu, het koken van de mie, het wokken van de courgette en bakken/grillen van de zalm duren allemaal bijna even lang. Je kunt het tegelijk doen, maar let er dan goed op dat niets aanbakt. Breng de mie aan de kook. Wok intussen de courgette met het chilipepertje en de knoflook (ong. 3-4 minuten). De courgette moet gaar maar knapperig zijn. Breng op smaak met zout en peper en zet apart (gebruik een deksel om de groente warm te houden). Bak de zalm kort aan beiden kanten aan in een hete pan. Wacht tot de zalm rondom roze wordt en laat het dan nog een minuutje doorbakken. Je wilt geen doorgebakken zalm en een beetje ‘rosé’ heeft zelfs mijn voorkeur. Het bakken duurt hooguit 6-8 minuten, dit hangt af van de dikte van de zalm. Als je nog hebt opgelet, heb je ondertussen de mie afgegoten.
Leg wat mie op het bord, de zalm en de courgette. Breng alles op smaak met het sojasausje dat je hebt gemaakt en bestrooi met sesamzaadjes.

Vis in karamelsaus daarbij geroerbakte Chinese broccoli

Dit heerlijke stoofgerecht komt uit Vietnam. Makreel wordt in Nederland vaak gerookt gegeten, maar in Azië bereiden ze de verse makreel graag in zoete sausjes of in bananenbladeren. Wat weinig mensen weten is dat makreel een gezonde vette vis is, maar ook nog eens aardig voor de portemonnee. Het maken van de karamel vergt een beetje oefening en geduld, maar als dit eenmaal gemaakt is, staat je gerecht zo op tafel. Tip: de karamel kun je voor een maand bewaren in de koelkast.

Benodigdheden (4p)

  • 600 gram verse makreel, schoongemaakt
  • 3 eetlepels caramel
  • 4 kleine sjalotten
  • 250 ml visbouillon
  • 0,5 theelepel zwarte peper
  • 0,5 theelepel zeezout
  • 1 eetlepel suiker
  • 1,5 eetlepel vissaus (haal deze bij de chinees, deze is namelijk zouter dan de gewone vissaus)

Voor de karamel: 200 gram suiker op 250 ml water

Voor de groenten: chinese broccoli (Chinese supermarkt), beetje knoflook, theelepel vissaus, 1 spaanse chilipeper (of een kleine hete chilipeper als je van pittig houdt), een scheutje groentebouillon of water

Bereiding
Maak eerst de karamel. Verwarm hiervoor de suiker met het water en wacht tot de suiker bruin wordt totdat je een stroperig sausje krijgt (voeg zonodig water toe. Let op, de saus kan hard worden maar dat is niet erg). Pel daarna de sjalotjes en snijd ze in vieren. Stoof de sjalotjes op laag vuur gaar in ongeveer 10-15 minuutjes.
Snijd de makrelen door midden, dit mag in de lengte of de breedte. Leg nu de makreel in een pan en doe daar de visbouillon, peper, zout, suiker, sjalotten en 3 eetlepels caramel bij (of meer naar smaak). Breng aan de kook voor ongeveer 3 minuten en laat de vis daarna 15 minuten op laag vuur stoven.
Wok de Chinese broccoli met de knoflook, vissaus, chili en het beetje groentebouillon of water. De broccoli moet gaar zijn, maar nog wel knapperig. Serveer met witte rijst.

Uit: Taste Vietnam, The Morning Glory Cookbook