Chapada da diamantina

Om 7 uur ‘s ochtends zaten we al weer in de bus, op weg naar chapada de diamantina, een nationaal park in het westen van bahia. Om 2 uur kwamen we aan in lencois, het dorpje wat voor veel toeristen de verblijfplaats is waar vanuit allerlei tours kunnen worden gedaan. Het dorpje is klein en sfeervol. Vergelijkbaar met een dorpje in de franse bergen. Gekleurde huisjes, straten van keien en overal terrasjes. Ons hostel was prima, al was de eigenaresse, Talitha, voor braziliaanse begrippen nogal nors en haar man die alle excursies regelden sprak als een regelrechte kopie van borat. Dat was dan wel weer grappig!

De eerste dag hebben we een soort allround tour gedaan en hebben we een aantal highlights van het park gezien: watervallen, indrukwekkende grotten (we hebben zelfs in een ondergrondse rivier in een grot gesnorkeld, een bijzondere ervaring zo in het donker) en tot slot een prachtig uitkijkpunt over het park. Het water hier heeft overigens een bijzondere kleur, donkerbruin. Niet omdat het vies is – het is zelfs heel helder – maar omdat er veel ijzer in zit. In ieder geval weer erg bijzonder. De echte attractie hier, de hoogste waterval in brazilie, konden we overigens niet bezoeken omdat het te droog was en er dus geen water stroomde. ‘No agua’ zoals ons werd verteld. Lekker dan haha! We besloten daarom een twee-daagse trekking te doen naar de waterval Muchila en daar hebben we geen spijt van gehad! Wij boekten dit bij de man van Talitha, die normaal deze tours zelf doet. Omdat hij echter geblesseerd was, kregen we een andere gids die engels zou spreken..

Enfin, we hebben weer wat meegemaakt! Het begon al goed toen wij op donderdagochtend op de afgesproken tijd – half negen – klaar stonden met onze twee rugzakjes en de gids ons verwonderd vroeg waar wij al het eten, de slaapzakken en matjes gingen laten. De man van Talitha had tegen ons gezegd dat we zo weinig mogelijk mee moesten nemen en dat hadden we gedaan, maar hij was vergeten te zeggen dat we een backpack nodig hadden voor allerlei andere spullen waar de gids mee kwam aanzetten. Dus wij gauw alles weer ompakken zodat we uiteindelijk weg konden met mijn kleine backpack en de dagrugzak van nick. Daarna, hup als een speer, achter op de crossmotor naar het startpunt. We gingen slingerend door mul zand, dwars door een bos, door rivieren, maar gelukkig hebben we het overleefd.
Het eerste deel van de track bleek het zwaarste. We moesten 3 km naar de top van een berg klimmen, bepakt en wel met onze rugzak en backpack. Toen kwam het volgende hilarische moment (achteraf gezien). De man van Talitha had ons gezegd dat we na 1 uur lopen een waterbron tegen zouden komen en we dus maar 2 liter water mee hoefden te nemen en 2 lege flessen. Twee extra liter water zou immers alleen maar extra balast zijn tijdens het eerste, zware deel van de tocht. Dus wij na anderhalf uur toch eens vragen aan Mel, onze gids die maar heel gebrekkig engels bleek te spreken, waar toch die waterbron bleef. Waterbron? Maar er is nu helemaal geen grondwater, het is veel te droog! Maar, we konden van de rivier drinken volgens Mel, iets wat de man van Talitha ons had ontraden. Fijn! Goed, dus wij verder met inmiddels nog maar anderhalve liter water voor 2 dagen. Gelukkig was het uitzicht waarmee we werden beloond fantastisch mooi. Daar doen we het voor! Rond half 12 kwamen we eindelijk aan bij onze campsite. Hier was tevens een waterval waar we lekker konden zwemmen en het zweet van ons lijf afdouchen. Na een heerlijke en overdadige lunch, gingen we op we naar Muchila, de waterval.
Ook dit was weer een avontuur. Halverwege moesten we onze kleren uit en vroeg Mel ons ‘of we konden zwemmen’. Gelukkig konden we dat en vervolgde we onze tocht, terwijl Mel met onze tas waar de camera in zat ging klimmen langs een stijle wand om het water heen. Je had onze beduusde gezichten moeten zien, het was een foto waard! We moesten in totaal twee keer een stuk in de rivier zwemmen voordat we aankwamen bij de waterval. Maar wat was die mooi! En wat een voldaan gevoel krijg je na zo’n zware tocht!
Terug in het kamp was het tijd voor avondeten. Mel had een vuurtje gemaakt met takken uit het bos. Heerlijk, net als hoe het vroeger ging. Ondertussen hadden we bedacht dat we het water uit de rivier konden koken, want we hadden nog maar 10 slokken water over en we moesten nog een avond en een dag door komen. Het eten was overigens weer heerlijk en overdadig. Onze graatmagere gids at zelf niet heel veel en er was gekookt voor ongeveer 8 man. De dieren hier hadden dus weer eens geluk. Tijdens het avondeten vertelde Mel, onze ‘engels sprekende gids’ (aldus de man van Talitha) dat hij net 3 maanden geleden een zelfcursus Engels was begonnen. Aha! Daarna was het bedtijd. De zon was inmiddels al 2 uur onder, het was 8 uur en niet veel te doen, dus ga je slapen. Alhoewel de rots waar we op sliepen en de kapotte slaapzakken waar we ons in moesten verwarmen, verre van comfortabel waren, konden we toch af en toe wat slapen.
De volgende morgen was Mel alweer vroeg op om het ontbijt klaar te maken. We waren wat aan het rondsnuffelen en zagen een zakje aanmaaklimonade liggen. Het leek verdomd veel op de vruchtensap waar we gisteren en zojuist gulzig van gedronken hadden. Je raadt het al, de limonade was aangelengd met het rivierwater. Wonder boven wonder, althans zo zien wij het, zijn we niet ziek geworden. We gingen weer op pad, terug richting lencois. ‘s ochtends zijn we nog langs een uitkijkpunt geweest waar we vanaf boven honderden meters naar beneden in een ravijn keken op een – wel weer – prachtige waterval. Na 20 km kwamen we aan bij een rivier waar we heerlijk konden relaxen. Godzijdank zat daar een mannetje met koud water, frisdrank en bier, want ons gekookte gele water dat smaakte naar ijzer en rook was geen pretje om te drinken. Uitgerust en wel gingen we de laatste 5 km terug naar lencois en hebben we onszelf ‘s avonds verwend met caiprinha’s en paella. Daar kwamen we onze vriend nog tegen, de man van Talitha, waar we aan vertelde dat er geen grondwater was geweest onderweg. ‘Ahhh I told you, I did not trek for 2 months, I did not know!’ zei hij, waarna wij natuurlijk gebruld hebben van het lachen. Maar, het was een geweldige ervaring en wat was de natuur mooi! Ik kan het iedereen aanraden!

Vandaag hebben we een rustdag want vanavond gaan we met de nachtbus richting Morro de Sao paolo waar we nog een aantal dagen gaan chillen.

Rio de janeiro en foz do iguacu

Bom dia!! Zaterdag arriveerden wij in Rio. Vandaag is t alweer donderdag. Een kleine update van onze reis tot nu toe.

Onze pousada (een soort hostel maar dan bij iemand thuis) in Rio lag midden in Ipenima, 5 minuten van t strand. De eigenaar bleek alleen braziliaans te spreken dus onze minimale taalkennis werd meteen op de proef gesteld. Met handen en voeten hebben we het de eerste dag voor elkaar gekregen dat we warm water kregen en t licht werd gerepareerd. Inmiddels is ons vocabulair gelukkig wat uitgebreid en kunnen we in ieder geval een klein gesprekje voeren. Al blijft het een moeilijke taal, vooral de uitspraak.

De eerste dag hebben we heerlijk gewandeld op Ipenima beach en de Copacabana. Deze laatste heeft wel haar charme verloren. De hotels langs het strand zien er een beetje verloederd uit en het strand is niet veel anders dan andere stranden. Ipenima is daarentegen wel erg leuk, een soort Miami beach waar mensen op de boulevard hardlopen, skaten en longboarden. Een gezellig sfeertje dus! We hadden onze camera nog niet meegenomen, bang van alle verhalen over de criminaliteit in Rio. Dit blijkt reuze mee te vallen. Er zijn zeker plekken waar je niet alleen moet komen s’avonds en plekken waar je je camera niet teveel moet showen maar over het algemeen hoef je je niet onveilig te voelen.

De tweede dag werden we opgehaald door onze gids Olivia, een ontzettend praatgrage, grappige en aardige vrouw. Ze heeft ons heel Rio laten zien. We hebben door het park Tijuca gereden, een grote jungle midden in de stad. Ze heeft ons verteld over het leven in de favela’s, de politie eenheid UPP die momenteel alle favela’s ‘schoonveegt’, haar eigen favela waar ze woont en de projecten met kinderen die ze daar doet. Olivia bleek een echte survivor die vrienden is met iedereen, zelfs politie en criminelen. Daarna zijn we naar het grote jezus beeld geweest, boven op de berg. Wauw wat een wonderbaarlijk beeld! En wat een fantastisch uitzicht over Rio. Daarna bracht ze ons naar de plaats waar de carnavaltochten ieder jaar gehouden worden en vervolgens naar Santa Theresa, wat lijkt op de buurt met kleine uphill streets in San Francisco. Een hele artistieke en gezellige buurt. In die wijk hebben we ook geluncht en echte braziliaanse traditionele gerechten gegeten. Met ons buikje vol vertrokken we naar de mozaiken trap. Gemaakt door een gekke kunstenaar die ook ter plekke aanwezig was. We staan uiteraard met hem op de foto, vraag niet hoe haha! En dan de klapper: Sugarloaf mountain, vernoemd naar de vorm die lijkt op de suikerzakken van Brazilie. Vanaf deze berg heb je een prachtig uitzicht over heel Rio, ware het niet dat op het moment dat wij er waren Rio onder een groot donderwolkendek lag. Al gaf dat ook weer een mysterieus effect. S’avonds hebben we gegeten in de supermarkt. Dat is hier heel normaal. Net als de ‘por kilo’ bufetten waar je eten wordt gewogen op een weegschaal. We zijn inmiddels al meer relaxed, niet meer bang dat we overal gerold worden. Rio is een miljoenenstad, maar minder crimineel als gedacht maar vooral erg duur.

Volgende stop was Foz de Iguacu, misschien wel de mooiste watervallen van de wereld! Het was tevens onze eerste ipb vlucht in het buitenland met een andere maatschappij dan KLM. Onze pousada ligt net buiten de stad. Helaas was het bed echt een plank maar dat mag de pret niet drukken. S’ middags gingen we op zoek naar een lunchtentje en eindigde in een ‘por kilo’ cafetaria waar we voor het eerst kennis maakten met dit concept. Je betaalt voor wat je opschept. Veel duurzamer dan een buffet met een vast bedrag, want je schept voorzichtiger op. S’ avonds hebben we heerlijke caiprinha’s gedronken en vlees gegeten. Zo zeg ik het maar want dat is wel een beetje hoe het hier is in Zuid-Brazilie. Vlees vlees en nog eens vlees. Wel lekker en goed voor de vitamine B en ijzer, maar eigenlijk wel een beetje overdadig.

Woensdag zijn we naar de braziliaanse kant van de watervallen geweest. Wauw wat een natuurgeweld!! S’ middags hebben we een 3 uur durende tocht gemaakt door het regenwoud (dit wordt vaak vergeten maar de watervallen liggen in een prachtig natuurgebied). We hebben een aantal apen, een heleboel mooie grote vlinders en een leguaan gezien. Aan het einde werden we nog verwend met een boottocht over de prachtige rivier waar we ook een kaaiman hebben gezien! We voelden ons echt even intens gelukkig, wat kan de natuur toch prachtig zijn. Donderdag gingen we naar Argentinie, waar zich eigenlijk het grootste gedeelte van de watervallen bevindt. Het was meer dan de moeite waard. Je krijgt een beter zicht op de watervallen en er zijn fantastische panoramische uitkijkpunten, echt adembenemend. Bij de Devils Throath kon je van dichtbij zien hoe het water van een aantal grote watervallen naar beneden stort. Wat een kracht!! Enige minpunt was de coati’s, een soort wasbeerachtige beesten, die net als apen loeren op voedsel. Aan de braziliaanse kant stonden er mensen om ze weg te jagen. Hier niet, wat resulteerde in een grappig maar toch ook wel eng tafereel waarin een groep van 10-15 coati’s een plastic zak met eten uit de handen van een man wegkaapten en verslinden.

Vanmorgen hebben we uitgeslapen en laat ontbeten. Het ontbijt tot nu toe vrijwel hetzelfde geweest, een broodje kaas en/of ham, fruit en cake. Ja, je leest het goed. Ze ontbijten hier met cake: gewone cake, spongecake, chocoladecake, sinaasappelcake, kokoscake, noem maar op. Daarnaast hebben ze nog veel meer andere zoete lekkernijen. Niet goed voor de lijn maar voor mij wel een ontbijt bij uitstek haha!! Nu rusten we uit bij het zwembad van het hotel (het is hier 35 graden), want straks gaan we een lange reis maken naar de Pantanal (13 uur in de bus, 3 uur wachten en dan nog eens 6 uur naar ons verblijf midden in de Pantanal. Dit is een natuurgebied met heel veel dieren. We gaan er o.a. paardrijden, piranha’s vissen en opeten, een aantl safari’s doen en zwemmen met kaaimannen (vind vooral nick heel leuk, ik wat minder). Daarna nog 2 dagen naar Bonito, ook een prachtig natuurgebied. We zitten straks in de middle of nowhere, dus jullie horen pas weer van ons over ongeveer 5 a 7 dagen… Ciao ciao!!!!

Foto’s Rio

Foto’s Foz de Iguacu