Foto’s Jakarta, Bogor en Puncak Pas

Bukittinggi – Padang – Jakarta

zelf bleek zoals de lonely planet al schreef, niet de echte attractie. Het is de omgeving van – de stad van de Meningkabau’s – die erg mooi schijnt te zijn. ‘s middags gingen we toch maar even de stad verkennen. Op het plein in de stad staat een soort Big Ben, een grote kloktoren die ooit geschonken is door onze koningin. Er bleek overigens een hele leuke ramadan markt te zijn. Vanwege de ramadan verkopen ze daar allerlei specialiteiten. Je kunt de hele dag al eten kopen, maar de mensen mogen het pas na zonsondergang opeten. Omdat er geen enkel ander restaurant open was om even snel wat te lunchen, kochten we wat lekkernijen op de markt zoals maiskoek en pastei, om die even later zo ver mogelijk uit het oog van alle mensen lekker op te peuzelen. Hierna gingen we het Nederlandse Fort bekijken, maar dat was een beetje een teleurstelling. Ten eerste was het fort zelf een blokkendoos. Niks geen mooi oud fort zoals wij dat wel eens gezien hebben in Nederland of Frankrijk. Bovendien was er om het fort heen een attractiepark gemaakt. Er stonden bijvoorbeeld kooien met papegaaien en een kooi met olifanten. Het was echt heel zielig, de olifanten zaten namelijk vast met hun poot en hadden helemaal geen bewegingsvrijheid. ‘s Avonds wilden we wat eten, maar het was ontzettend druk. Alle Indo’s hier gaan namelijk tijdens de ramadan elke avond op de straat eten, omdat ze niet zelf willen koken en alle inwoners gaan natuurlijk rond hetzelfde tijdstip als een gek eten om hun lege magen te stillen. Eerst namen we een sateetje op de straat bij Pono en die was heerlijk! We gingen uiteindelijk bij een of andere tent zitten dat later een voedselketen bleek te zijn. Daar konden we nasi eten, wat wil zeggen dat je allemaal kleine bakjes krijgt met gerechten en je betaalt alleen wat je op eet. Ik weet niet of het door de ramadan kwam, maar het was echt verschrikkelijk. Het eten was niet te vreten en het was net alsof we in een vreetschuur zaten met al die schransende mensen. De overnachting in Bukittinggi was ook geen succes. Ze zijn hier heel streng met ramadan en er zijn wel iets van 300 moskees in de stad. De hele dag en avond klinken uit alle moskees verzen van de koran, wat op zich niet erg is, maar wel wanneer alle moskees tegen elkaar in gaan schreeuwen. Ze hebben overigens de hele dag door de microfoon aanstaan, dus je hoort ze ook kuchen en hoesten en tegen elkaar praten, net zoals op een amstelveen hockeytoernooi :) . Toen we eindelijk in slaap vielen schrokken we rond vijven wakker van een sirene. Nick sliep er dwars door heen maar ik schrok me dood, want het leek net zo’n sirene als waarschuwing voor een natuurramp of oorlog. Dat bleek de oproep te zijn voor het gebed. Vervolgens hoorden we ongeveer totdat we wakker werden non-stop koranversen, alsof de microfoon van de moskee aan ons balkon vast zat, zo hard was het.

Enigzins vermoeid kwamen we bij het cafe aan vanwaar we de tour gingen doen. We vertrokken op de brommers en meteen toen we Bukittinggi uit waren zagen we al waarom mensen hier heen komen. Overal zijn mensen aan het werk in de prachtigste rijstvelden. Figar, de gids waar ik achterop zat, vertelde dat bijna iedere familie wel een rijstveld heeft en ze zijn nogal trots op hun rijst. Zo vond Figar de rijst van maar niks. We stopten bij allerlei leuke plekjes. Figar en Jeffrey – de andere gids – lieten ons de traditionele toilet zien. Het is een soort houten huisje met een gat in de vloer die aan een soort vijver staat. Figar vertelde dat veel huizen in de omgeving 2 vijvers hebben, 1 om in te wassen en 1 voor de wc. In de vijver voor de wc zitten vissen die de ontlasting opeten, zodat de poep opgeruimd wordt op een natuurlijke manier. Het huisje heeft geen slot en de enige manier om te zien of er iemand op zit is aan de hoed (voor mannen) of een sarong (voor vrouwen) die aan het huisje wordt gehangen. Even later kwamen we bij een heel mooi panoramapunt waar we uitkeken op de rijstvelden en in de verte de harau vallei, een prachtig gezicht. Hierna reden we langs wat traditionele Minangkabau huizen, waaronder ook het Queenshouse, waar de dochter van de koning woonde en de King’s house, maar die was helaas een paar jaar geleden afgebrand en werd nu hersteld. Hierna gingen we nasi Padang eten bij het enige restaurant dat geopend was voor toeristen. We waren een beetje huiverig na onze laatste ervaring, maar het was tegen onze verwachting in erg lekker. Hierna gingen we nog langs wat stenen met Sankrit inscripties, het longhouse – een huis van 320 jaar oud. Heel leuk om te zien was dat er 8 kamertjes waren, de zevende was voor voor de ouders en de andere kamers voor de dochters. De zonen woonden in de moskee. Iedere dochter had een eigen kamer, maar als een dochter trouwde, kreeg die de 1e kamer, net zo lang tot alle kamers vol waren. Hierna gingen we nog langs wat dorpjes waar ze verschillende soorten handwerk verrichten, zoals weven, houtsnijden en zilversmeden. Het was erg indrukwekkend om te zien. Vooral het weven, omdat de vrouwen achter zo’n weefapparaat zaten en draadje voor de draadje de songkeh’s maakten. Over een songkeh (kleed) doen ze een maand als ze 10 uur per dag werken en daar krijgen ze 3 miljoen roepia voor. Omgerekend is dat 30 dagen, 10 uur per dag werken voor 1 euro per uur. Wat een respect voor die dames! Hierna gingen we weer terug naar Bukittinggi. Maar goed ook, want onze kont begon een beetje zeer te doen van het zitten achter op de scooter en de zon was al bijna onder.

‘s Avonds hebben we maar wat sateetjes gegeten en een soort pizzabrood en ‘s avonds hebben we gezellig wat gedronken en gepraat met onze gidsen. De gesprekken met de locals zijn het leukste, dan weet je pas echt hoe het leven daar is.

De volgende dag besloten we naar Padang te gaan, want we hadden Bukittinggi wel gezien en bovendien konden we wel een rustige nacht gebruiken na 2 nachten moskee concerten. We namen een minibus naar Padang. De man reedt echt op z’n Sumatraans. Hard rijden, HEEL veel toeteren en 1 cm op je voorligger rijden om dan vervolgens heel langzaam in te halen. Af en toe hielden we ons hart vast, zo eng was het. En dat was niet geheel onterecht, want even later zagen we het gevolg van een ernstig ongeluk. Een auto was frontaal op een vrachtwagen gebotst, waarschijnlijk bij het inhalen. Padang is ook een start apart. Bij binnenkomst viel ons meteen al de vreemde opelets op. Ze waren onwijs gepimpt en hadden een soort snorkel voorop. Ze hadden zo in de tekenfilm van snorkelland gepast. Ze maakten ook nog het meest riduculeuze toetergeluid die we ooit hebben gehoord, net speelgoedautootjes. Het enige hotel in Padang die enigzins van goede kwaliteit was, bleek echt heel erg overprised (relatief gezien dan, het is alsnog niet heel erg duur natuurlijk). Gelukkig konden we iets afdingen, maar alsnog vragen ze in de steden soms veel te hoge prijzen voor een crap kamer, maar goed, we hadden een westerse toilet en dat kwam wel van pas, aangezien er wat buikproblemen waren. Padang zelf was, zoals al verwacht, niet erg bijzonder. Alles was vervallen en met name heel vies. Indonesiers gooien hun vuil gewoon op straat, in de zee, in een rivier, het maakt niet uit. Echt zo zonde! We liepen nog even langs de haven en wilden toen een taxi naar het hotel, maar dat wilde niet echt lukken. Toen gebeurde er iets wat we nog niet hadden meegemaakt. Een zwarte chique auto stopte voor ons en deed het raampje open. Er bleek een familie in te zitten en de vader van het gezin vroeg waar we heen wilden. Waarschijnlijk had hij enorme medelijden met ons, hoe wij daar als enige toeristen zaten te onderhandelen voor een normale prijs met de taxi’s, dat hij ons een gratis ritje terug naar het hotel gaf. De tranen sprongen bijna in mijn ogen. Voor het eerst wilde iemand ons zonder enige vergoeding ergens naartoe brengen!

‘s Avonds hebben we de zonsondergang gekeken die hier in Padang echt de moeite waard is en vervolgens gegeten in een visrestaurant. Niks voor vegetariers, want ze komen de vissen en levende (!) krabben aan je tafel laten zien en dan moet jij wat uitkiezen. Wel heel erg vers en heel erg lekker!

De volgende dag gingen we naar het vliegveld. De vlucht was een uur vertraagd, waardoor we de hele ochtend op het vliegveld zaten te wachten, alhoewel we ons natuurlijk wel vermaakten :) . De vlucht naar duurde korter dan de hele busreis in. Wat een ramp het verkeer in . Sja, het is ook niet gek met zoveel miljoen inwoners. We stonden af en toe gewoon een kwartier compleet stil. We waren superblij dat we in ieder geval in een bus met airco zaten, want is stervensheet. Het hotel waar we verbleven was natuurlijk weer te duur, maar goed, beter was er gewoon niet. Zodra hotels in de lonely planet komen verdubbelen ze hun roomrates gewoon, terwijl de kwaliteit hetzelfde is of zelfs verslechterd. Echt triest af en toe. Maar goed, we zaten daardoor wel in het backpackers walhalla (joehoe!). Vandaag hebben we verkent. Ook hier zijn de contrasten groot. Je hebt enorm arme buurten, maar ook weer de rijke gedeelten met skyscrapers, malls etc. Vooral in het arme gedeelte is alles weer heel erg vies. Echt te erg voor woorden af en toe. Prullenbakken zijn zeldzaam – sterker nog ik durf te beweren dat ze die niet eens kennen – en daarom fungeert de straat en de grachten hier maar als vuilnisbak, wat resulteert in een enorme stank. Ook vallen hierdoor de bezienswaardigheden in het niet. In Kota, het oude gedeelte van , waren wat mooie koloniale panden te zien. We zijn nog naar het historisch museum van geweest en het was heel grappig om de Nederlandse invloed te zien in . Na wat gedronken te hebben in cafe Batavia, een superluxe cafe waarin je jezelf waande in de jaren 50, gingen we de haven met schoeners bekijken. Erg leuk maar veel te heet. Daarom namen we maar een taxi naar de grootste mall hier in (en ook in zuid-oost azie is het een van de grootste). Ik geloofde mijn ogen niet. De mall had gewoon een east en een west tower. Het was zo groot dat je niet wist waar je moest beginnen. Bovenin was een hele verdieping omgebouwd tot Time Square en andere bekende plekken. Er was ook een entertainment centrum voor kinderen, met botsauto’s, kano’s en weet ik allemaal wat nog meer. We waren helemaal verbaasd toen we bij een fontein stonden en er ineens een fonteinshow werd opgevoerd. On-ge-lo-ve-lijk. IN EEN MALL! We hebben hier ons de hele middag vermaakt, echt fantastisch. Nu zitten we lekker in het cafe van ons hostel. Morgen gaan we beginnen aan de doorreis. Eerst en daarna Bandung.

Het is af en toe te veel om op te noemen wat we meemaken, maar We houden jullie op de hoogte!